Ter introductie: mijn naam is Age Kat, freelance gitarist, componist, keyboardspeler en producer. Daarnaast ben ik gitaardocent op de popafdeling van het Rotterdams Conservatorium, dat tegenwoordig onderdeel is van Codarts. Codarts heeft veel buitenlandse studenten, waarvan een deel Koreaans is. Om de contacten met het Verre Oosten te onderhouden gaan hier elke zomer een aantal docenten uit Nederland naartoe om masterclasses, lessen en concerten te geven. Dit vindt plaats onder de toepasselijke naam Summerschool.
Officieel is het een Jazz Summerschool maar deze editie werden producer/songwriter Tjeerd van Zanen en ik gevraagd om ook de popmuziek en fusion te vertegenwoordigen. Omdat ik al eerder in het Verre Oosten heb getourd (Valensia, Japan tour ’96) wist ik een klein beetje wat me te wachten stond en dat zou om te beginnen een flinke jetlag zijn. Toen na een reis van meer dan twintig uur de landing werd ingezet in Korea was ik mijn gevoel voor tijd en ritme dan ook behoorlijk kwijt.
Incheon Airport bij Seoul is een immens vliegveld. Ik kwam er alleen aan en zou worden opgepikt door ene Su… ik hoopte maar dat hij wist hoe ik eruit zag, want ik had geen idee wie hij was. Maar toen ik eenmaal in de aankomsthal was aangekomen bleek ik hem gewoon te kennen! Een aantal jaren terug had hij lessen bij mij gevolgd in Rotterdam… een onverwacht weerzien dus en ik was er blij mee want we moesten samen nog een lange autorit maken. Inmiddels was Tjeerd ook aangekomen en konden we gedrieën op weg naar Yeoju.
Het Yeoju Institute of Technology is een universiteit waar veel studies te volgen zijn en muziek is daar een belangrijk deel van. ‘s Zomers staan de gebouwen leeg en kan er dus uitstekend muziek worden gemaakt. Alle faciliteiten, inclusief studio, zijn aanwezig.
Bij aankomst op de campus blijkt er boven de toegangspoort een groot vaandel met onze foto’s te hangen. We worden ontvangen met veel respect, als ‘masters of music’. We slagen er gelukkig snel in om een redelijk informele manier van communiceren te laten ontstaan, zoals we dat ook in Rotterdam gewend zijn. Omdat mijn naam in vele talen onuitspreekbaar is wordt het al gauw ‘Eedzjie’ , net zoals het in Japan was. De naam Tjeerd blijkt wat gemakkelijker voor de gemiddelde Koreaan, dus daar wordt niets aan veranderd.
De eerste dag is er nog geen programma en kunnen we een beetje acclimatiseren, hetgeen vooral betekent dat we steeds weer gaan eten met verschillende mensen. Mijn lichaam weet inmiddels niet meer of het nu trek heeft in ontbijt, lunch of diner dus ik laat het me allemaal maar welgevallen. Het is trouwens iedere keer een warme maaltijd. In tegenstelling tot Japan (vis) wordt er hier vooral varkensvlees gegeten. Sommige gerechten zijn heel lekker maar andere zijn wel erg specifiek van smaak en niet altijd aan mij besteed.
Inmiddels zijn de andere muzikanten ook gearriveerd, allemaal geweldige jazzmusici, en het wordt steeds gezelliger. We hebben evenals de studenten kamers in het guesthouse. De studenten komen groepsgewijs aan, Koreanen, Japanners en Chinezen. De komende dagen zullen we in allerlei talen met elkaar communiceren en bij elke gelegenheid zijn er tolken bij. Absoluut noodzakelijk want er zijn maar weinig studenten die Engels spreken.
Tijd om aan de slag te gaan: studenten indelen, bands formeren, masterclasses voorbereiden. Bij het verdelen van de gitaarstudenten schrik ik wel even. Met name bij de Japanners zie ik veel dikke jazzgitaren. Mijn collega Martijn van Iterson is een jazzgigant met een behoorlijke status in Japan en hopelijk heb ik ze ook iets te bieden. Ik richt me vooral op degenen met solid body gitaren en al snel zit mijn rooster vol. Later zal blijken dat velen ook interesse hebben in pop en fusion en mijn lessen worden goed ontvangen. Door de jaren heen heb ik een grote hoeveelheid lesmateriaal verzameld en geschreven, uiteenlopend van beginnersniveau tot zeer gevorderd, waardoor er voor bijna elke student een aanbod is. Daarbij heb ik heb van bijna alle stukken ondersteunende backingtracks bij me waarmee ze kunnen jammen en studeren.
Het niveau van de studenten is zeer uiteenlopend, van enigszins beginnend tot professioneel. Sommige van de Japanse studenten hebben op Berklee gestudeerd en zijn gewoon erg goed. Zij zijn dan ook degenen die Engels spreken en vaak als tolk fungeren.
De dagen zijn helemaal gevuld in Yeoju. Het Aziatische werkethos is van toepassing: vanaf 10 uur lesgeven, korte lunch, dan aan de slag met de bands tot aan het diner en daarna begint het avondprogramma: masterclasses, studiosessies, jammen of iets anders naar keuze. Officieel duurt het avondprogramma maar een paar uur maar het wordt altijd veel later. Meestal volgt er dan ook nog een afterparty waardoor je met het verlopen van de dagen de oogjes van iedereen steeds kleiner ziet worden. Er blijft niet veel tijd over om te slapen en als je dan uiteindelijk op bed ligt ben je de eerste paar nachten ook nog klaarwakker door de jetlag. De volgende ochtend zitten de leergierige studenten gewoon weer om 10 uur klaar voor de les. Ondanks de vermoeidheid slaat het enthousiasme dan weer toe en dat creëert zoveel adrenaline dat je de dag moeiteloos doorkomt. Dat is de kracht van muziek: het samen daarmee bezig zijn geeft ook energie terug. Ik heb daar flink op kunnen teren gedurende die negen dagen.
De sfeer in het gebouw wordt naarmate de week vordert steeds intenser. Iedereen is bezig met zijn passie en wordt hierin gevoed door leraren en medestudenten. Op een gegeven moment loop ik s’ nachts om 1 uur door de gang: links zijn ze bezig in de studio, rechts zijn er jamsessies, verderop wordt er nog wat gerepeteerd en je struikelt over groepjes musicerende mensen in de gangen. Het lijkt wel een aflevering van Fame. Erg leuk.
Aan het einde van de week zijn de bandpresentaties. Alle docenten hebben twee bands onder hun hoede die op de slotavond een performance geven. Een memorabel moment doet zich voor als de gitarist van mijn eerste band vlak voor zijn optreden onvindbaar is. “Heeft iemand Ryosuke gezien?” Even later wordt de jongen in kwestie door een stel medestudenten van zijn bed gelicht; hij was uitgeput in slaap gevallen. Binnen enkele minuten staat hij op het podium en weet zowaar zijn noten nog aardig te raken. De hele wekscene staat overigens op Facebook… natuurlijk.
Gelukkig mochten we zelf ook spelen! Het was jammer dat Tjeerd wegens andere verplichtingen inmiddels al naar Europa was teruggekeerd en er deze avond dus niet meer bij was. Het repertoire van de docentenband bestond voornamelijk uit jazz. Ik was benieuwd hoe mijn pop-aandeel in het optreden zou vallen. Maar de respons was geweldig: je kon de zaal voelen en horen meeleven en na afloop waren de reacties heel positief.
‘Gesloopt maar voldaan’ was het gevoel aan het eind van de summerschool. Veel vrienden gemaakt, mijn Facebookbestand is behoorlijk uitgebreid met een Aziatische sectie en de organisatie gaf aan dat ik móet terugkomen volgend jaar. En of ik dan ook Summerschools in China en Bali kom doen wordt er voorzichtig gevraagd… Iets om over na te denken want, hoe verleidelijk ook; je bent dan wel bijna je hele zomervakantie aan het werk.
Al met al was het een bijzondere ervaring. We hebben niet veel van het land gezien omdat het schema daar weinig ruimte voor bood, maar wel ontzettend genoten van het maken en doceren van muziek in een ander werelddeel. Wordt ongetwijfeld vervolgd.
Age Kat

