Ik ben de veertig, laat ik maar zeggen, ruim gepasseerd als ik een paar jaar terug Orange Goblin zie in de Baroeg. Het beste optreden dat jaar en ook een reden om zelf muziek te gaan maken. Beter laat dan nooit.
Een jaar daarvoor, het was in december, kreeg één van mijn beste vrienden te horen dat er iets niet goed was in haar lichaam, Eurosonic Noorderslag hebben we nog beleefd samen maar de Zwarte Cross was al te laat voor haar, dat kaartje hebben we aan iemand anders moeten geven. Alles kump goed!, was het motto dat jaar en dat is ook het enige wat mij is bijgebleven.
In mijn jongere jaren begon ik met gitaar spelen, ik wilde net als Jimi worden, een gitaargod. Op een gegeven moment zag ik beelden van hem en stopte per direct. Het gemak waar hij mee speelde, terloops alsof hij ondertussen zijn boodschappenlijstje doorgaf aan zijn buurvrouw, tegenover dat gepingel en gepiel van mij. Ik was dagelijks uren bezig en kon, als je goed luisterde, een beetje Voodoo Chile uit mijn gitaar krijgen. Een soort instant depressie kreeg ik van die beelden.
Meer dan twintig jaar heb ik voor mezelf zitten rommelen, zonder anderen erbij, om mijzelf de schaamte van mijn waardeloze gitaarspel te besparen. Als dan plotseling één van je beste vrienden doodgaat, nog voor haar veertigste verjaardag, dan neem je de laatste woorden en gedachten mee. Leef nu, wacht niet tot het te laat is.
Haar wederhelft, mijn andere beste vriend, verzekerde mij dat ‘spelen’ hem op de been hield. Of het nou optreden of oefenen was, op het moment dat je samen muziek maakt, ben je op een andere planeet. Vervolgens ben ik meegetrokken het bandleven in, als ervaren bassist van een populair crust grindcore gezelschap kon hij mij geruststellen in deze andere wereld. Als een ware mentor leidde hij mij door het muzikale woud. Die deur daar moet je niet ingaan, dat is kutmuziek of hang je gitaar maar wat lager anders staat het zo… je weet wel. We zijn nu 4 jaar later en ik ben een echte rocker met coole moves en dito zonnebril. Op het podium blijken die moves toch lastiger te realiseren, maar ik blijf oefenen.
Het is soms wrang om te concluderen dat de dood van een vriendin me hier heeft gebracht maar deze nalatenschap is het mooiste wat ik me kan wensen. Elk jaar, 21 september proosten we op haar verjaardag en klinken we op de muziek. Tnx Joki.
Wordt vervolgd…
Richard Rotteveel maakt Glampunk met Helleveeg en Nederstoner met Zombie Waiste. Dagboek van een band is een soapcolumn met twee dikke knipogen en veel herkenbare situaties voor de doorsnee muzikant. Het beschrijft de perikelen van de Leidse band Helleveeg en legt ze langs de meetlat van de gemiddelde wereldartiest. Onder de naam Riesrot schrijft hij verhaaltjes, columns of blogs, vaak voetbal of muziek gerelateerd en te vinden op zijn website














