Waarom ga ik, over het algemeen, niet meer naar popconcerten? Heel simpel: bij de meeste concerten vind ik de muziek veel en veel en véél te hard. Niet een beetje te hard, maar oorverdovend te hard. En dat dan letterlijk. Dat geldt zeker voor concerten in de grote zalen, maar ook in kleinere poppodia. Eerst maar eens de feiten.
Gehoorverlies
In Nederland zijn er ongeveer 1,6 miljoen mensen met gehoorverlies. Dit aantal neemt al jaren toe, ook onder jonge mensen. Gehoorverlies kan komen door een aandoening, maar vaak is de oorzaak (te lange) blootstelling aan te hard geluid. Dat kan op het werk zijn ontstaan maar ook door te harde muziek in clubs, bij concerten of op koptelefoons/oortjes. Gehoorverlies kan mensen sterk beperken in hun functioneren en zelfs leiden tot isolement. Door blootstelling aan te hard geluid kun je ook tinnitus krijgen, wat vaak samen gaat met gehoorverlies: je hoort, al dan niet, permanent geluid in je hoofd variërend van ruis tot een brom of een piep.
Geluidsniveaus en gehoorschade
Het geluid van de menselijke stem is 60 decibel (hierna: dB), een vol restaurant 75 dB, 95 dB is een boormachine en 100 dB is een straaljager op 300 meter hoogte. Om het risico op gehoorschade te bepalen moet je kijken naar de duur van blootstelling. Bij 86 dB kan gehoorschade ontstaan na twee uur, zeg maar de duur van een concert. Bij 95 dB kan er schade optreden na 15 minuten en bij 100 decibel kun je gehoorschade oplopen na vijf minuten (voor de tabellen klik hier)! Omdat de toename exponentieel is, betekent elke drie decibel extra een verdubbeling van het risico. Gehoorschade door geluid is altijd onherstelbaar.

Wetgeving en normering
Het zogenaamde Arbobesluit bevat normen voor een veilig geluidsniveau op het werk en in de vrije tijd (voor evenementen in de buitenlucht). Volgens de arbonorm is 15 minuten met 103 dB als veilig te beschouwen. Naar mijn mening klopt dat gewoon niet, want zoals we hebben gezien kan er bij 95dB al schade optreden na 15 minuten. Maar goed, de branche heeft zich aangesloten bij deze arbonorm. Met het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport is in een convenant overeengekomen dat concerten maximaal 103 dB mogen zijn voor 15 minuten. Het convenant legt de focus op bevorderen van gehoorbescherming en handhaving.
Dat de branche zelf ook wel weet dat 103 dB niet veilig is blijkt uit de uitspraak van Willem Westermann van de Vereniging van Evenementenmakers (VVEM): “Met de (oor)doppen is het veilig, zonder die doppen is het niet veilig. We kiezen ervoor het veilig te maken voor de mensen die dat willen en ze daarover voor te lichten.” Tja, natuurlijk hebben mensen zelf een verantwoordelijkheid, maar ik vind het de omgekeerde wereld. De muziek staat aantoonbaar te hard en dat lossen we op met oordoppen en dan alleen voor mensen die dat willen. De simpele oplossing zou toch zijn als een lager geluidsniveau wordt afgesproken of voorgeschreven, zodat oordoppen niet nodig zijn.
Is daar hoop op? Ik ben bang van niet. In 2022 heeft de Gezondheidsraad een advies uitgebracht om het maximale geluidsniveau voor versterkte muziek te verlagen van 103 naar 100 decibel om gehoorschade te beperken. Die verlaging is feitelijk al veel te weinig, aangezien er al bij een kwartierlang 95 dB schade kan optreden. Maar je raadt het al: dit advies is niet overgenomen. Dat heeft zeker ook te maken met verzet vanuit de branche.

Misvattingen
De hamvraag is natuurlijk waarom wordt vastgehouden aan deze krankzinnig hoge geluidsnorm? Dat heeft volgens mij in ieder geval te maken met enkele misvattingen. Ik kom de volgende argumenten tegen:
– Bepaalde muzieksoorten moeten harder klinken dan andere (popmuziek moet harder dan bijv. jazz en metal moet harder dan hitparademuziek, etc.). Nou ja, eens. Ik snap best dat metal harder moet klinken dan een jazzcombo, maar dat is geen argument om de muziek zo hard te zetten dat het pijn doet.
– Het meest genoemd wordt ‘de beleving’. Ik snap niet zo goed wat dat is. Het wordt bijvoorbeeld uitgelegd in dit artikel. Een vertegenwoordiger van de branche zegt dat het publiek het optreden wil meemaken en voelen (vetgedrukt door mij). Dezelfde spreker stelt: “Staat het geluid te zacht, dan komt er geen emotie vrij”. Dit zijn dus twee argumenten:
o De muziek moet je voelen. Nou vind ik een stevige drum- en baspartij ook fijn om te horen, maar dat is het punt: ik wil het horen en niet voelen. Muziek zou volgens mij toch ‘ear candy’ moeten zijn, ofwel: iets wat fijn is om te horen.
o Het argument dat muziek pas bij een hoog geluidsniveau emotie teweegbrengt, kan niet serieus worden genomen. Goede muziek zorgt voor emotie bij de luisteraar, los van het geluidsniveau.
– De mensen willen dat de muziek zo hard staat. Die mensen zullen ongetwijfeld bestaan. Maar ja, als je mensen altijd alleen maar ultra-processed food voorzet zullen ze nooit weten hoe lekker het eten in een driesterrenrestaurant is.
– Blijft over het argument, genoemd in het artikel, dat de muziek zo hard staat omdat de mensen er doorheen kletsen. Dat is waar en is vooral in Nederland een probleem (‘Dutch disease’). De simpele oplossing daarvoor is: niet meer doen! Je gaat volgens mij naar een concert om de muziek te horen en de artiest te bewonderen. Toon dan een beetje respect en praat niet te veel en te hard door de muziek heen.
Er zijn volgens mij dus geen valide argumenten waarom de muziek bij popconcerten zo hard moet. Andersom weet ik heel erg zeker dat als het geluidsniveau een stuk lager is, de klank enorm zal verbeteren. Dan kun je ineens wèl alle instrumenten en noten van elkaar onderscheiden. Ik heb twee voorbeelden uit de praktijk. Een negatief voorbeeld: een concert van een singer/songwriter mét een elektrisch versterkte band op een klein poppodium. De muziek stond zo hard dat het niet alleen pijnlijk was voor mijn oren, maar dat ik een soort pijn en misselijkheid voelde in mijn middenrif! Een positief voorbeeld: een concert van een elektrisch versterkte band in een theater met perfect geluid, niet te hard maar zeker ook niet te zacht. Het publiek daar was wel stil.
De overheid en de branche gaan zeer waarschijnlijk dus niet voldoende verandering doorvoeren. En de epidemie van gehoorbeschadiging, versterkt door verkeerd gebruik van oortjes, zal daarmee blijven voortduren. Daarom ga ik dus niet meer naar popconcerten, tenzij het een concert is met al dan niet versterkte akoestische instrumenten (dat kán eigenlijk niet veel te hard), of een concert in het theater (daar staat de muziek meestal veel minder hard).
Wat kun je zelf doen:
– Als je naar een concert gaat, ga ver van de boxen staan en zorg zelf voor goede gehoorbescherming. Liefst op maat gemaakt met maximale demping (bijv. 20 dB). En ga elk half uur even de zaal uit.
– Als je bent geweest en je vond het te hard: beklaag je hierover bij de zaal en/of de artiest.
– Of doe als ik en ga alleen naar concerten waarvan je weet dat het niet te hard zal zijn.

Timo Bee is een Capelse singer/songwriter en een veteraan met de passie van een jonge gast. Onder de naam Timber schrijft hij akoestische liedjes met americana-invloeden en treedt regelmatig op. In zijn columns verhaalt hij over zijn belevenissen in de wondere wereld van de popmuziek. Volg Timber op Facebook en Instagram voor het laatste nieuws en shows, meer informatie en al z’n muziek vind je op zijn website.