Verslag Meet The Pro sessie #35: Publishing & Syncs

Tijdens de Rotterdamse Popweek vond op maandag 4 november alweer de laatste Meet The Pro sessie van het jaar plaats. Het onderwerp: publishing & syncs. De pro’s die speciaal voor deze sessie waren uitgenodigd zijn Björn de Water (Snap-B Music), Daan Determeijer (Spinnin’ Records / MusicAllStars Publishing) en als vanouds onze host Martijn Crama (Musicunited). Het zaaltje in het Popunie-gebouw stroomt iets voor achten aardig vol.

Publishing
Om te beginnen krijgt Daan de vraag wat er precies wordt verstaan onder publishing. Het antwoord is: zorgen dat het door jou gecomponeerde liedje wordt ‘geopenbaard’ (in de openbare ruimte komt) zodat dit liedje wat kan gaan opleveren. Zowel componisten als uitgevers hebben dus baat bij maximale exploitering van hun muziek.

Streams leveren weinig op, terwijl er bijna altijd wel iemand aan verdient als er ergens muziek wordt gedraaid. Denk bijvoorbeeld aan de supermarkt: hier heeft muziek de taak om klanten op hun gemak te stellen, zodat ze meer aankopen doen. Publishing is er om te zorgen dat alle partijen die betrokken zijn bij het tot stand komen van die muziek hiervan profiteren.

Een mastertrack die getekend is bij een publisher krijgt uitkering van gelden. Je blijft altijd mede-eigenaar van je liedje als je een contract tekent bij een publisher, maar je levert wel een deel van je rechten in. Je blijft auteur als je auteur bent, maar als iemand in een tv-productie bijvoorbeeld jouw liedje inzingt, krijgt het productiebedrijf in kwestie ook rechten.

Syncing
Muziek die gemaakt is vóór of gebruikt wordt dóór derden, zoals reclamespots en films, valt onder syncing. Syncing is daarmee minder breed dan publishing. Een syncing agent zorgt ervoor dat jouw muziek bij de juiste opdrachtgever terechtkomt en dat jij als artiest uiteindelijk profiteert van het gebruik ervan.

copyright foto: Brian van Rensen

Inkomstenstroom uit jouw muziek
Als jij muziek maakt (in de zin van componeren/tekstdichten) en deze werken registreert bij Buma/Stemra, zorgt deze organisatie voor het innen en uitkeren van gelden waar je recht op hebt (volgens de Auteurswet en het auteursrecht) bij openbaarmaking van je muziek.

Er wordt niet echt gecontroleerd hoe vaak je individuele track wordt gedraaid. In het algemeen wordt er vanuit gegaan dat muziek wordt afgespeeld op plekken waar een x aantal mensen aanwezig is en degene die de muziek draait, zoals de supermarkt, betaalt op basis daarvan een jaarlijkse bijdrage aan Buma/Stemra. Tegenwoordig speelt ‘fingerprinting’, waarmee muziekgebruik op radio en televisie herkend wordt, hierbij een rol.

Aan de hand van het ‘naburige recht’ int Sena vergoedingen voor de openbaarmaking van muziek namens producenten en uitvoerend kunstenaars (kunnen dus andere zijn dan de componisten/tekstdichters). Een producent is degene die financieel verantwoordelijk is voor de opname van een liedje. Onder uitvoerend kunstenaars vallen naast artiesten dus ook sessiemuzikanten. Zodra een track commercieel wordt uitgebracht (lees: ergens te koop wordt aangeboden) heb je repertoire dat je kunt aanmelden bij Sena. Sena verwerkt playlisten van radio en tv, matcht die met het opgegeven repertoire en keert vervolgens de gelden uit aan de rechthebbende.

copyright foto: Brian van Rensen

Wat doet een publisher?
Een publisher begint met studiosessies opzetten. Hij zet artiesten bijvoorbeeld bij elkaar met een producer en een songwriter. Het doel is om hits te produceren. Als hier een liedje uit is gekomen, stapt hij naar een artiest of label of sync manager. Hij is niet per se verantwoordelijk voor de promotie van jouw liedje, maar voor het productieproces, want een performance is niet het doel. De muziek wordt geëxploiteerd door syncing of doordat iemand er bijvoorbeeld een cover van opneemt.

Wat is de rol van een sync agent?
Een sync agent houdt nauw contact met de liedschrijver en kijkt tegelijkertijd ook naar de markt en beoordeelt aan wat voor soort muziek er behoefte is. Daarbij zet hij zijn persoonlijke smaak natuurlijk opzij. Hij houdt nauw contact met zijn partners en houdt goed in de gaten wat de trends zijn.

Als een sync agent een liedje ontvangt, kijkt hij naar wie de rechthebbenden zijn. Hij vraagt of je verschillende versies wilt aanleveren (dus mp3, WAV, instrumentaal, vocals en alle losse sporen), voor het geval het moet worden aangepast om het ergens te kunnen wegzetten. Bij interesse heeft hij dan alles al klaar staan, inclusief het contract.

Een publisher of sync agent vinden
Het is handig om een publisher te zoeken als je jouw rechten beter wilt beschermen en groter wil denken. Een mogelijkheid is bijvoorbeeld dat Rihanna jouw liedje gaat zingen. Dat gebeurt sneller als je met een publisher werkt dan wanneer je dat niet doet.

Volgens Daan is een persoonlijke klik belangrijk bij het kiezen van een publisher. Ook is het handig om naar de track record van degene met wie je een deal sluit te kijken: wat voor dingen heeft die persoon al gedaan? Ook andere zaken zijn belangrijk. Een contract met Björn is non-exclusief, waardoor je dus ook met andere partijen een contract mag afsluiten terwijl je bij hem zit. Bij Daan is dit niet het geval.

Aandachtspunten bij syncing
Er zijn wel belangrijke consequenties waar je op moet letten. Bij syncing gaat het om de volgende punten.
– Voor hoe lang teken je jouw track weg? Een redelijke termijn is drie jaar.
– Houd in de gaten wat je krijgt, los van bijvoorbeeld performance royalty’s. Dit noem je een flat fee, of vast tarief.
– Let op de duur van het contract en de transparantie ervan.
– Als je een volmacht geeft, let er dan op dat de andere partij niet zonder jouw medeweten mag syncen, maar dat je hier altijd vooraf van op de hoogte wordt gesteld en toestemming voor geeft.

Valkuilen bij publishing
– Alles wat je binnen de duur van het contract schrijft, valt onder het contract, dus let ook hier op de duur daarvan. Drie jaar is ook hier ideaal.
– Als het contract is beëindigd, staan de liedjes uit die periode nog bij de publisher, dus houd hier rekening mee. Kijk goed naar hoelang die rechten nog bij de publisher blijven. Hier vallen afspraken over te maken, maar de wettelijke termijn is tot 70 jaar na je dood.

Als je bij een uitgever tekent, is het belangrijk om op de motieven van die partij te letten. Björn vertelt: een voorschot krijgen kan tegen je werken. Het is geld dat je toch wel zou gaan verdienen en het risico is voor de uitgever, maar dit kan ook heel anders zitten.

Stel, jij managed een zangeres en Universal heeft interesse in die artiest en biedt aan een voorschot te investeren. Dat kan een hele mooi kans zijn. Echter, als die partij al een vergelijkbare artiest getekend heeft, kan het motief ook het ‘kopen’ en uitschakelen van een concurrent zijn. Diegene kan dan namelijk niet bij een ander tekenen.

Let op of het voorschot terug te vorderen is, anders kun je flink vastzitten. Een uitgever heeft wel altijd een inspanningsplicht bij dit soort regelingen, die is in de Europese wetgeving vastgelegd en dat kan een mogelijke escape zijn. Maar ook dit gaat niet altijd op: er zijn veel rechtszaken geweest waarin het verweer van de uitgever was dat een voorschot geven genoeg inspanning was om de muziek aan de man te krijgen. Waar de inspanning van een uitgever precies uit bestaat, is niet zwart-wit.

Conclusie
Aan het eind van deze sessie valt wel te zeggen dat we een prettig inkijkje hebben gehad in een vrij ingewikkelde kant van het muzikant-zijn. Wil je meer met je muziek? Daar zijn genoeg mogelijkheden voor, maar let wel op met wie je te maken hebt en wat je rechten en plichten zijn, zoals eigenlijk bij elk contract belangrijk is. Succes!

Interview: Djocy Santos

If it sounds good, it is good

Haar ultieme droom is wereldberoemd worden en kunnen leven van haar muziek. Think big, zo zit Djocy Santos (32) nu eenmaal in elkaar. Ze gaat voor het hoogst haalbare, maar niet tegen elke prijs. En daarbij: de weg naar haar droom toe moet haar ook gelukkig blijven maken.

De artiest komt aan met de fiets. Waarom ook niet, want de zon laat zich weer gelden, een laatste stuiptrekking van de zomer. Het is 20 september. Twee zoenen, o wacht nee, toch drie. Het is weer even wennen, want ze is net terug van drie maanden Kaapverdië en daar zoenen ze elkaar nu eenmaal twee keer. Een vriendelijke glimlach tekent haar gezicht, haar keurmerk zou later blijken. Het kleine terras van Voz di Rua aan de Pelgrimsstraat is nog leeg; Djocy neemt plaats en vertelt honderduit.

Drie maanden Kaapverdië. Wat deed je daar?

“Ik heb een tour door het land gedaan. Lekker veel spelen met lokale muzikanten. Het publiek kent me in Kaapverdië, ik krijg er steeds meer gigs, het aantal volgers op social media groeit. Nu ik weer terug ben in Nederland, bereid ik me voor op de volgende stap in mijn carrière”.

Vertel.

“De komende tijd wil ik vooral nieuwe nummers schrijven en produceren en verder werken aan mijn bekendheid”.

Terwijl je nog niet eens zo lang bezig bent.

“Nou, ik maak al heel een hele tijd muziek hoor. Op mijn zesde begon het op de basisschool met het zingen van Without You van Mariah Carey. Ik durfde al heel vroeg van alles, ging meedoen aan talentenjachten. Het leek eerst de danstheaterkant op te gaan, maar op de middelbare school begon ik met schrijven van teksten op instrumentale nummers. Toen ontdekte ik de poëzie, ik schrijf nog altijd gedichten. En alles in het Engels en het Nederlands”.

Wanneer ging je schrijven en zingen in het Kaapverdiaans?

“Dat is pas zo’n drie jaar geleden. Ik rolde er min of meer in, mensen in mijn omgeving vroegen erom en ik dacht: waarom niet? Eerder kwam het niet in me op om in het Kaapverdiaans te zingen. Samen met producer Nuny Matias ging ik aan de slag en een half jaar later bracht ik mijn eerste single en videoclip uit: Bem ma nos, wat kom met ons mee betekent. Ik weet nog dat ik op de Nieuwe Binnenweg liep en de tekst van die single in mijn hoofd kreeg. Zoals vaker nam ik die tekst direct op in mijn telefoon. Vervolgens belde ik Nuny en via de telefoon schreven we de tekst van Bem ma nos”.

En daarna volgde de ep Mulher.

“Op een bepaald moment had ik genoeg nummers. Zes in totaal. Toen ik ze achter elkaar luisterde, merkte ik iets opvallends, de teksten gingen allemaal over een vrouw. Ongepland. Het gaat over moeders, zusters, vriendinnen enz. Vandaar de titel Mulher, wat Kaapverdiaans is voor vrouw. De ep kwam uit in november 2017”.

Je woont sinds je vijfde in Nederland, eerst in Amsterdam en de laatste jaren in Rotterdam. Hoe wil je hier bekender worden?

“Ik weet het nog niet, ik doe wat ik kan. Ik probeer vooral mijn netwerk uit te breiden, want zonder netwerk kom je nergens in de muziek. Ik mail boekers en programmeurs en andere mensen die me kunnen helpen aan promotie en/of optredens. In Nederland moet ik vooral veel festivals gaan doen, me bijvoorbeeld aanmelden voor het muziekprogramma Vrije Geluiden. Het gaat er uiteindelijk om dat je gezien wordt, dat je je PR op orde hebt. Het publiek moet weten wie je bent en waar je voor staat. Kijk bijvoorbeeld naar drie van mijn voorbeelden: Sade, Jennifer Lopez en Beyoncé, zij zijn een merk. Ik wil daar ook graag heen”.

Goed, stel je bent een merk. Waaraan zal het publiek je dan herkennen, behalve aan je muziek?

“Een glimlach, spiritualiteit en sensitiviteit. Ik ben een vechter en niet bang om mezelf te zijn. En, o ja, ik ben een control freak. Het liefst geef ik zo weinig mogelijk uit handen, en wanneer ik dat wel doe, kijk ik mee of het gaat zoals ik wel. Daar moet ik nog wel een beetje aan werken, zeker als ik mijn zaken straks aan een manager wil overdragen”.

Is er wel een markt voor Kaapverdiaanse muziek in Nederland?

“Niet echt, het is lastig. Daarom richt ik me ook op de Portugeestalige landen. Ik heb bijvoorbeeld opgetreden in een succesvol tv-programma in Portugal, op een grote commerciële zender. Daar kreeg ik heel veel goede reacties op”.

Maar het blijft moeilijk om voet aan de grond te krijgen in de wereldmuziek.

“Er is geen andere naam voor dan world music. Ik maak geen popmuziek, geen reggae, geen R&B, wat ik doe is een mengelmoes van verschillende stijlen. James Brown zei ooit: ‘If it sounds good, it is good’. Wellicht ga ik ook weer in het Engels of Nederlands zingen, wanneer het op mijn pad komt en ik er blij van word. Want dat is een belangrijke voorwaarde. Ik wil beroemd worden, stap voor stap, maar niet tegen iedere prijs. Zodra ik er ongelukkig van word, doe ik het niet. Plezier staat voorop”.