Rotterdam is voor mij een oerwoud van festivals dat eigenlijk nooit rust. Voor velen begint het festivalseizoen ergens in april als Paaspop ergens in het Brabantse land rond hupt. In de Maasstad kun je echter stellen dat met het openen van het Internationaal Film Festival de poorten geopend zijn.
Vanaf eind januari is er elk weekend ergens wel een terrein of een serie zalen met thematische lijn te vinden. Dat de stad net zo divers is als de inwoners is voor veel mensen geen geheim; een kijkje op de festival agenda van komende maand laat zien dat je binnen de grenzen van de stad iets vindt voor paardenliefhebbers, bluegrassfanaten, zwemmers, meezingers, geoefende kijkers en levende beelden.
Een nieuwe hobby is dus snel gevonden mede doordat veel van de festivals gratis zijn. Parken en pleinen vullen zich met de dansende massa’s. Maar je hoeft dus niet met bakken geld de deur uit om het toch leuk te hebben. Recent zijn de adviezen van de RRKC gepresenteerd en daarbij waren enkele meevallers waardoor wij de komende jaren ook niet zonder vertier zitten.
Komend weekend openen de poorten van maar liefst zeven festivals. Daarbij tel ik niet eens de reeds lopende feesten gevuld met architectuur en andere stadse pret. Het Bluegrass Festival op het Pijnackerplein is een mooi voorbeeld van lokaal gevoel met internationale invulling. Want net achter de Zwart Janstraat waan je je drie dagen lang een redneck of trailblazer.
Gewapend met banjo’s en potloden, want er worden ook veel strips gemaakt, waan je je een weekend op de prairie. Ooit opgezet door buurtbewoners omdat de muziektent vaker gebruikt moest worden maar inmiddels een van de grotere publiekstrekkers van Noord. Een muziekstroming die voor vele onbekend is maar die door heel Europa een groot aantal liefhebbers kent. Maar daarnaast ook wat meer rock ‘n roll, country en swingende muziek waardoor het Pijnackerplein dit weekend wat zonniger zal zijn.
Verderop deze zomer zijn er natuurlijk nog veel meer foodtrucks, versterkers en afzettingen te vinden. Ik kijk vooral uit naar nieuw talent dat op de podia zijn opwachting maakt. Na De Likt en Sevdaliza is het misschien wel de beurt aan Dichter, Southbound of Deathroll om landelijk hoge ogen te gooien. Ik zie je vast deze zomer op Duizel in het Park of op een dak ergens in de buurt.
Gino van Weenen
Gino van Weenen (1986) is overdag kunsteducator en schrijver, ‘s nachts betreedt hij de coulissen en komt tevoorschijn als performer, presentator en organisator. Kunst en Cultuur in Rotterdam is wat hij kent, andersom kennen zij hem. Met goede koffie en een boek vol woorden, dwaalt hij langs verlaten kades en dichtgeslibde snelwegen. Zijn lichaam is een prentenboek.
De zon schijnt volop, de terrassen zijn bemand, over de Nieuwe Binnenweg waart een kakofonie van stemmen en geluiden. Op de onderuitzakbank van Rotown zit Ferry van der Woude, zanger van Life’s Electric, met een biertje in zijn hand. Of ik hun nieuwe single wil horen? Maar natuurlijk. Oortjes in en direct bij de eerste tonen verdwijnt het zomerse geluidsdecor als sneeuw voor de zon: dit is rockmuziek, dit is hard, dit is ruig; dit is typisch Life’s Electric. Even later schuift ook bassist Wouter Landzaat aan.