Laat ik maar met de deur in huis vallen: Waarom bestaat er zoiets als een remaster?
Je zou kunnen zeggen dat een oudere opname of master met de technieken van nu beter zou kunnen klinken. Op zich is dat helemaal waar, maar wat is er dan precies beter? Meer bits? Hogere sample rates? Beter klinkende converters? Kortom, betere spullen?
Er is een reden dat bepaalde opnames in een bepaald tijdperk zijn gemaakt. Het maakt ze tijdloos, juist vanwege hun karakteristieke sound, compleet met de imperfecties van weleer. Een remaster is het opnieuw uitbrengen van eerder uitgebracht materiaal, met een sound van nu (lees: vooral harder en vaak helderder). Maar waarom dan? Klinkt het ook echt beter? Of zit er meer achter?
Voor de enig legitieme reden voor een remaster moeten we terug in de tijd. In de jaren 60, 70 en 80 was het de taak van de masteringtechnicus om originele opnamen (bijna altijd op tape) over te zetten naar een afspeelmedium. Destijds waren die afspeelmediums analoog: vinyl, muziekcassette en bandrecorder (reel-to-reel).
De mastering engineer was dus vooral een transfer engineer. In de loop van de jaren is de functie van mastering steeds meer verschoven naar dat wat artiesten, producers en mix engineers doen: Sound maken. Daarmee kwam ook de remaster in zwang. Want: Hoe mooi zou het zijn om de sound van een bestaande opname nóg vetter te maken. Op zich is hier niks mis mee, maar ik haal even aan wat ik hierboven al vermeldde: Er is een reden dat bepaalde opnames in een bepaald tijdperk zijn gemaakt.
Vele remasters zijn gemaakt in een tijd waarin digitale techniek in de kinderschoenen stond met als resultaat remasters die zowel harder als “kouder” bleken te klinken. Of dit dan de zo gehoopte verbetering was ten opzichte van het origineel laat ik aan de luisteraar, maar het resultaat laat zich enigszins raden. Ook de almaar uitdijende loudness war* speelde een belangrijke rol bij de keuze van heruitgaven door albums op cd vooral harder te laten klinken.
En er speelde nog iets anders: Omdat er (veel) geld kan worden verdiend met heruitgaven was vooral belangrijk dat de remaster bijdetijds klonk om zo de verkoop nog een extra duwtje te geven. Met muziek en kwaliteit had dit alles weinig van doen. Maar heeft een remaster anno nu dan wel bestaansrecht? Dit is sowieso een lastig te beantwoorden vraag.
De enige reden die ik kan verzinnen om een remaster te doen, is dat bepaalde transfers gedaan in de jaren 80 en 90 wellicht beter zouden kunnen klinken met gebruikmaking van nieuwere technieken. Het is glad ijs; een remaster zou in geen geval afbreuk mogen doen aan de originele artistieke boodschap van een artiest. En als de artiest in kwestie niet meer leeft, wordt het nog ingewikkelder. Wie gaat bepalen of er een remaster komt en of deze goed genoeg is?
Een mooi voorbeeld van een, in mijn oren geslaagde remaster, is het album “Brothers In Arms” van Dire Straits. Uitgebracht in 1985 werd dit album de vaandeldrager van de compact disc. Volledig digitaal opgenomen, weliswaar analoog gemixt maar digitaal ge-edit en gemasterd (DDD, wie kent het nog?) klonk dit album koud als een koelkast maar verkocht miljoenen exemplaren. Bob Ludwig, een befaamd mastering engineer uit de VS besloot om ruim 10 jaar later een remaster te doen omdat ook hij inzag dat de technieken beter waren geworden en het album beter kon klinken.
Mijn voorstel is om het woord remaster te schrappen van het tableau. Laat (oude) releases goed klinken, op welk medium dan ook, zonder er een commercieel label aan te hangen. Een goede masteringtechnicus weet wat er nodig is (of beter: Wat er vooral niet nodig is) om een release goed en integer met respect voor het tijdsbeeld te laten klinken.
*De loudness war is een verschijnsel wat midden jaren 90 begon. Onder invloed van dalende cd-verkopen en voortschrijdende digitale technieken brachten grote platenmaatschappijen steeds luider klinkende cd’s uit. Digitale limiters werden steevast te bruusk ingezet, waardoor veel muziek die eind jaren 90 en de jaren daarna werd uitgebracht abominabel klinkt.
Door de komst van loudness normalization bij streamingdiensten is de noodzaak van luide masters zichtbaar en hoorbaar afgenomen. Met loudness normalization worden alle songs in een playlist globaal even luid afgespeeld op een vooraf vastgesteld volume.

Renzo (Masterenzo) is een Rotterdamse masteringtechnicus. Vanuit zijn premium mastering studio werkt hij aan vele producties van onafhankelijke artiesten als Charlie Dée (Hédi Carlee), Black Nazareth en Bart Voncken. Nóg meer info over mastering en Masterenzo is te vinden op zijn website.