Zondagochtend, 06:45
Rotterdam Airport. Ik leg mijn jas, telefoon en laptop in een van de witte bakken. Mijn tas erachteraan op de band. Ik loop door het poortje en pak alles weer in. Met een koffie en een banaan in mijn handen en een zowat van mijn schouder glijdende tas manoeuvreer ik mij in een stoel op het fijnste vliegveld dat ik ken. De vlucht naar Faro vertrekt over een half uur. Ik open mijn laptop om aan een Italiaanse songtekst te gaan werken, maar voordat ik het wachtwoord heb getypt, zie ik dat de instaprij bijna verdwenen is. Dan maar instappen en aan de slag zodra we vliegen. Lekker op reis werken, super efficiënt!
08:00
Rotterdam Airport verdwijnt onder mij terwijl de zon opkomt. Wat een fantastisch beeld! Twee (of zes?) kleine kinderen krijsen. Ik zet mijn noise-cancelling koptelefoon op en zoek de tekst waaraan ik wil werken. Het vroege opstaan eist zijn tol. Ik klap mijn laptop maar weer dicht en val snel daarna in slaap met Morrissey’s mooie Come back to Camden in mijn oren. Het ‘crew, prepare for landing’ doet me zo’n drie uur later wakker schrikken. Stiekem veeg ik wat kwijl van mijn wang.
10:45 (Portugese tijd)
Onderweg in de bus van Faro naar Beja staar ik met mijn laptop in de aanslag gelukzalig naar het vertrouwde heuvelachtige landschap. Vorig jaar was ik de helft van de tijd in Beja. Nu ga ik terug voor vijftig uur om familie en vrienden te zien én nieuwe mensen te ontmoeten tijdens een twee dagen durend feest. Straks na de lunch met z’n allen, ga ik in het appartement wel aan het werk. Tijd genoeg. Kan ik nu lekker een paar uur muziek luisteren en naar buiten kijken.
14:00
De groep wordt verwelkomd met goede, regionale wijn en hapjes. Ik bedenk me niet te veel te drinken, want ik wil zo nog wat werk doen. Ik ontmoet leuke mensen en wanneer we na een aantal glazen aan de lunch beginnen, heb ik het gevoel dat ik iedereen al jaren ken.
18:00
In het appartement. Ik heb nu een paar uur voor het diner om aan de slag te gaan. Fijn! Eerst even lekker op bed liggen.
21:00
Ik schrik wakker. Waar ben ik? Het is donker. Iedereen zit vast al te eten! Ik fris me snel op en ren naar buiten. Als ik maar niet schandalig laat ben. Hoewel er in Portugal nog nooit iemand op tijd is geweest. Terwijl ik door de kronkelende straatjes loop, besef ik dat ik vandaag niet aan m’n Italiaanse songteksten heb gewerkt. Het geeft niet, want met nog drie uur in het vliegtuig, twee uur in de bus én rondhangtijd op het vliegveld tijdens de terugreis moet ik toch een heel eind komen.
Daisy Cools
In een reeks van zes ep’s onder de noemer ‘The Europe Files’, woont Daisy steeds zo’n vijf maanden in een Europese stad waar ze optreedt en liedjes schrijft. De eerste ep getiteld ‘The Paris file’ kwam uit in 2011, waarna ‘Palermo’ (2012) en ‘Lissabon’ (2014) volgden. Op zoek naar het gevoel van vrijheid, deelt Daisy door middel van liedjes haar ervaringen tijdens het verblijf in de verschillende steden. Momenteel woont zij in Rotterdam en is ze regelmatig in de Rocktown Studios te vinden voor opnames van haar tweede album. Hoe het vertalen en de album-opnames Daisy vergaan, kun je volgen op haar website.
De Rotterdamse muziekscene is levendig; maar wie zijn nu precies die movers en shakers? Wat doen ze, wat drijft hen en welke ambities hebben ze? Om ze beter te leren kennen begonnen we een interviewserie waarin muzikanten de mic aan elkaar doorgeven en wij ze van harte aan het woord laten. In één van de vorige interviews lieten we Wavy B aan het woord. Hij gaf de mic door aan zijn Green Cabin-maatje Larry Pickles. En niet alleen omdat de twee veel samenwerken maar ook, erg toepasselijk, omdat Larry Pickles kort geleden zijn ep Mars dropte. Goede aanleidingen dus om eens met hem over muziek te praten!
Hoe lang ben je al bezig met muziek?
Hoe kijk jij tegen generaties aan?