Zomer 1988. ’k Was 15, werkte vanaf m’n 12e als vrijwilliger bij poppodium Try achter de bar, ja toen kon dat nog op jonge leeftijd. En als ik overredingskracht had, droeg ik bij aan de muziekprogrammering en stage-management. Toch was ik het eerste weekend na de zomerstop van ’88 afwezig. De trein ging naar Roffa, toen nog Rotterdam. De metro waarop ik overstapte bracht me naar PopPark. ParkPop? Nee, PopPark, het festival wat een paar jaar later Metropolis zou heten.
In het park aangekomen bleek het gras hier groener dan aan de andere zijde. De sfeer was funky, evenals het geluid, ‘slappende’ bassen voerden de boventoon.
Ik kan me elke band, hun muziek, het uiterlijk van de muzikanten, hun bewegingen en acrobatische toeren in de trussen (podiumstellingen) herinneren. En de geur van gras vermengd met bier.
Wat me het meest is bijgebleven; Fishbone. “Shit! Goddamn, get of your ass and jam!” Wij, publiek, vlogen meters de lucht in. Bandleden van Fishbone vlogen qua energieniveau als straaljagers nog meters boven ons. Dr Mad Vibe en publiek gilden met ‘één stem’, dat we “proud to be black” waren, dat we ketens los zouden gooien, op een dag dat we ons vrijer voelden dan ooit.
Het jaar daarop opende op het kleine podium Mano Negra. Op bijna gelijke stahoogte als het publiek speelden de muzikanten opzwepend en swingend als altijd. Het was of we op een intiem tuinfeestje waren; vrienden onder elkaar. De toen nog verse Puta’s Fever en Patchanka werd verspreid. Pogoën als zotten, andere tikten lichtjes met de voeten, maar vanaf dat moment verbleven we, energiek en met vette grijnzen op onze giechel, in het Zuiderpark.
24-7 Spyz zette de patchanka later in overtreffende trap voort op het grote podium. De combinatie funk/rap/metal had ik bands al eens horen spelen (Run DMC/Aerosmith, en Anthrax). Maar zo swingend en vitaal als 24-7 Spyz deze combinatie tot één geheel maakten, had ik nog niet beleefd. Terwijl zanger P. Fluid in een hoogwerker boven het publiek zijn energie verspreide, speelden Jimi Hazel, Rick Skator (van broek tot gitaar in roze) en Kindu Phibes zo hard en opzwepend dat de vonken eraf vlogen.
Ik was om. Een stad waarin muzikanten zo vrij zichzelf kunnen zijn, en zo verbluffend goed kunnen spelen, waar barrières tussen muzikant en publiek vervagen, daar wil ik leven.
Ondertussen heb ik m’n groene Metropolis-bril regelmatig afgezet, Roffa heeft soms een minder warm hart; Metropolis 2002 ging niet door. En wanneer Fresku, Winne, Kubus & BangBang het podium bestijgen, staan op de hoger gelegen dijken rondom het Zuiderpark een haag van agenten/beveiligers. Terwijl er qua sfeer in het publiek niets aan het handje is.
Toch word ik gelukkig van Metropolis. Regelmatig loop ik skangend over het herinneringspad. En is het niet uit eigen memoires of die van vrienden, dan is het nu wel uit het prachtige boek dat ter gelegenheid van de 25ste editie Metropolis is uitgebracht (verkrijgbaar via Metropolis-site).
Zelf naar Metropolis gaan is het summum. Metropolis brengt het groene muzikale gras wat normaal aan andere zijde groeit onder ieders voeten.
Fishbone PopPark 1988
24-7 Spyz PopPark 1989
Annet KommaRiero Brugel
Annet KommaRiero Brugel is tekstschrijver en ontwerper. In haar werk speelt muziek de hoofdrol. Van januari 2005 tot december 2007 was ze eerst schrijver later hoofdredacteur bij 3voor12 Rotterdam. Momenteel houdt ze zich bezig met het schrijven van persberichten voor bands/muzikanten, creëert ze openingen voor optredens en probeert ze programmeurs te inspireren tot verse keuzes.
Foto: action figure gemaakt door Kim Coster
