In 2014 waren ze hard to miss: De Iggy Azalia’s, Rihanna’s, J-Lo’s en Nicki Minaj’es. Hun grote ronde billen vulden de schermen op vele computers. Niet zoals vroeger, toen onze broertjes en buurjongens het op pauze zetten van het beeld perfect moesten timen om nog net een glimp van een sexy bil te kunnen bewonderen. Nee joh! Gewoon, vier minuten lang draaiende billen, gehuld in minieme stringetjes op Full HD. De zweterige pubers (en volwassenen) hoeven geen greintje fantasie te hebben om er wat van te maken, de zangeressen zingen je er met duidelijke taal doorheen.
Twee jaar terug schreef ik op popunie.nl over het toentertijd nieuw genre Sufferpop. De zangeressen uit dit genre (van het soort Demi Lovato, Christina Perri en Miley Cyrus) zongen zwelgend van verdriet de longen uit hun lijf. Alsof ze door hun geliefden waren kapotgemaakt, uit elkaar gereten, en in een Amerikaans greppeltje achtergelaten. Vandaag, anno 2015, is het tijd om het volgende nieuwe genre af te kaderen. Let’s give it up for Bootypop!
Hoewel ik me niet al te positief uitliet over Sufferpop, kan ik het terugblikkend best handelen; ik was meer dan een decennia geleden zelf ook een dramatisch tienermeisje en snap in essentie de urgentie van de liedjes best wel. In het geval van de Bootypop songs, is dat begrip gek genoeg ineens verdwenen en kom ik mijzelf lelijk tegen! Zodra ik de videoclip genaamd Anaconda van onze ronder dan ronde Nicki Minaj voorbij zie komen, begin ik, of ik nou wel of niet in gezelschap van anderen ben, gelijk met gifspuwen. ‘Ik erger me vreselijk aan haar billen! Waarom wil ze voorkomen als pornoster?! Ik vind het goedkohooop!’
Of… Klink ik nu als een jaloers kreng? Ik ben zelf namelijk geboren met hele dunne billen en volgens de videocliptrend dus niet zo begeerlijk. In een heleboel liedjes zingen de ladies over hoe je moet “worken” met “what your momma gave ya“. Mijn momma, hoewel half Surinaams, gaf me dus niet zoveel. Het kan komen door mijn Chinese papa, maar over onze pappa’s wordt geen woord gerapt of gezongen.
Een andere reden waarom ik het zo slecht trek – en ik ben bang dat dit de harde waarheid is – is omdat de tijd daar is en ik ouderwets oud aan het worden ben. Oud, net als onze ouders die vroeger al onze favoriete videoclips voorzagen van ouderlijk commentaar. “Dit kàn toch niet!?” Een uitspraak die te pas en te onpas geroepen werd.
Tegenwoordig bekijken we de videoclips niet meer op TMF of MTV, maar is er natuurlijk internet. Ouders voorzien de video’s niet alleen mondeling van commentaar, nee, de pappa’s en de mamma’s kunnen ook commenten, gewoon onder de YouTube-video waar ze boos op zijn. “Dit kàn toch niet!” Maar dan in het Engels, zonder interpunctie.
Maar ja, geef ze eens ongelijk! Ik ben het helemaal eens met al die boze reaguurders en vergeef het deze mensen zelfs dat de hoofdletters en komma’s ontbreken. Ze zijn nu eenmaal té verontwaardigd over al die bipsen. En nogmaals, ik snap het, want zeg nou zelf, dit kàn toch niet!? God, ik word oud…
Ai Ming Oei
Ming is de zangeres en songschrijver van Ming’s Pretty Heroes. Met de muziek van haar album’s Ok Mr. Mix (sept 2009) en Karma (sept 2011) tourde Ming’s Pretty Heroes o.a. door Duitsland en China. Ming was winnaar van de Music Matters Award en was muziek ambassadeur voor Rotterdam gedurende 2011. Tot augustus 2013 tourde Ming’s Pretty Heroes met dansvoorstelling MEER RUIS van Conny Janssen Danst en verzorgde live de muziek voor 72 voorstellingen in Nederland en Zwitserland, op muziekfestival Lowlands en op de Theaterfestival de Parade. In maart 2014 kwam het derde studio album Roots and Bones uit en deze zomer is Ming’s Pretty Heroes te zien op de Parade in Amsterdam met de voorstelling Kate Bush. Foto: Barry Marré.
