18 januari 2022
•
Columns
•
Renzo van Riemsdijk
Bij kleuring denk je niet meteen aan geluid. Toch is het mogelijk om in muzikaal opzicht een kleurtje toe te voegen aan een mix of master.
Maar wat is kleuring precies? Het is niet gemakkelijk om daar een eenduidig antwoord op te geven. Laten we bij het begin beginnen. Stel je een bandje voor met drums, piano, zang, gitaar en bas. Ze besluiten een opname te gaan maken en duiken de studio in.
In de studio worden microfoons geplaatst voor de instrumenten. De mics worden aangesloten op mic-pre’s, voorversterkers voor microfoons. Die zijn nodig om het zwakke signaal van een microfoon te versterken voordat het de DAW in gaat. En ziehier meteen het eerste mogelijke kleurstation.
In een mic-pre zitten vaak transformators waar het geluid doorheen gaat. Of er zitten buizen in, of een combi van beiden. Zowel trafo’s als buizen kleuren het geluid. Zonder in te gaan op de technische details lijkt het geluid wat ronder of dieper te worden. Of wordt het geluid juist rijker of meer 3D.
Met andere woorden: het instrument wordt anders (vaak mooier) geregistreerd dan de werkelijkheid. Let wel, er zijn ook neutraal klinkende mic-pre’s. Niet elke muziekstijl is gebaat bij kleuring. Eenmaal in de DAW worden alle sporen samengevoegd en gemixt en je raadt het al: opnieuw een kleurstation.
Met plug-ins of analoge outboard apparatuur voeg je kleur toe aan het geluid. Opnieuw lijkt de muziek ronder, meer 3D en ruimtelijker te gaan klinken. Daarna gaat de mix linea recta naar de volgende kleurpartij: de mastering studio.
Ook in mastering is kleuring een veelgebruikt (geheim?) wapen. Sterker nog, menig mastering studio maakt goede sier met een uitbundige collectie analoge kleurbakken die je mix nog meer vibe meegeven. Vaak doen die apparaten maar weinig en is de muziek “er doorheen halen” voldoende om een mix een kleurtje mee te geven.
Nou hoor ik je denken: is dat niet wat veel kleuring en wat blijft er over van mijn oorspronkelijke opname? De hoeveelheid kleuring hangt af van de muziekstijl. Iets heel cleans als bijvoorbeeld klassiek of jazz zal wellicht nauwelijks kleur nodig hebben, terwijl rock of hiphop zo’n randje best kunnen waarderen. Uiteindelijk zijn het je oren die bepalen of en hoeveel kleuring nodig is.
Daarnaast is zo’n kleurtje een behoorlijk subtiele aangelegenheid. Zet maar eens een serie plug-ins op je eindbus. Kies het liefst voor emulaties van bestaande analoge apparatuur en stel het zo in dat ze geen processing toepassen maar wel in de signaalweg staan. Luister goed naar de verschillen als je op bypass drukt. Dit is een eenvoudige manier om -in de box- het effect van kleuring te beoordelen. Als je het niet goed over je afluistering hoort, luister dan met een hoofdtelefoon.
Je zult merken dat het best meevalt met de hoeveelheid kleuring. Maar vergis je niet. Ook subtiele kleuring op een eindbus kan grote effecten hebben. Zeker als muziek harder wordt afgespeeld, lijkt het effect groter te worden.
Kleuring is een prachtige manier om opnames meer smoel en diepte mee te geven. Luister maar eens naar een gemiddeld album uit de jaren 70. Grote kans dat dit is opgenomen met een flinke analoge mengtafel, zo’n beetje de ultieme kleurbak. Merken als Neve, API en SSL varen hoog op hun specifieke sound. Het effect op de sound is bij zo’n mengtafel cumulatief: de kleuring van al die losse kanalen telt op tot de zo kenmerkende sound van een tafel…