Tourverslag: Mark Lotterman in de UK

Vanuit Music Export Rotterdam worden doorlopend ondernemende Rotterdamse muzikanten ondersteund die bezig zijn ook voet aan de grond te krijgen buiten de landsgrenzen. Mark Lotterman reisde af naar Engeland.

 

Gelukkig ben ik lekker.

Ik schep er veel genoegen in ongevraagd slogans te bedenken. Zo bedacht ik ooit: “Als je nergens meer naar toekan, kan je altijd nog naar van der Valk” en “Pepsi! – niet te zuipen”. Voor Wales bedacht ik het wat brave: “Wales, voor ieder wat Wales!”.

We verbleven er in een yurt. Een yurt is een ronde tent met boeddhistisch interieur die je kan huren via airbnb. Onze yurt stond boven op een berg; soms kwamen er kippen kijken. We marcheerden uren door de bergen, maakten schapenselfies en aten lokaal.

Het was echt heerlijk even bijkomen.

Na vier dagen vakantie moest het er dan ook echt van komen: optreden. Toen ik twintig was, zat ik dagen rusteloos op de bank te wachten op het volgende optreden. Nu ik de Jezusgerechtigde leeftijd van drie-en-dertig heb bereikt, vind ik het soms maar een hoop gedoe. De gitaar uitpakken, soundchecken, singer/songwriter-muziek maken, leuke grapjes vertellen, mensen bang maken en cd’s verkopen. Het gaat me niet meer in de koude kleren zitten.

Het eerste optreden was in the Bedford in London, een rond zaaltje achter een lawaaierige kroeg. Ed Sheeran had er ooit nog opgetreden las ik op de website. Ik werd helemaal warm van binnen. “Wie weet word ik nu ook wel net zo beroemd als Ed” zei ik nog tegen mijn moeder.

Toen we de ruimte binnen liepen, waren Jack & Ella aan het soundchecken. Een net-niet-knap ‘countrypopduo’ van een jaar of 20, met draadloze microfoons. Ze tjekte zound met een liedje van hun heldin Taylor Swift. In vergelijking met Jack & Ellen is Ilse de Lange Johnny Cash.

Door problemen met de draadloze microfoons snoepten Jack & Ella 25 minuten af van mijn 30 minuten durende soundcheck.  “Doe joe riellie niet doos?” vroeg de geluidsman wijzend naar de draadloze duivels. “Jes wie doe” antwoordde Ella resoluut.

Bands die te lang soundchecken, treden ook meestal te lang op. Zo ook Jack & Ella. Hun ouders vonden het prachtig. Jack had allerlei smoelen bedacht, die hij kon trekken tussen de woorden. Hij had een gitaar met een handvat en een hele grote versterker.

Het ergste was echter nog in aantocht: er was een hippe presentatrice, een bruin meisje met een mooi gezichtje. Ze liep het podium op en zei: “Ent nou ledies end jentholmen, ee riellie telented men. Wie ar so prout toe hev him heer: die emeezing Mark Lotterman”

Ze had echter nog nooit een noot van mijn muziek gehoord; en zat tijdens mijn optreden druk met een ander hip meisje te praten. Toen ze de volgende band aankondigde, waren die ook “telented” en “emeezing”.

Het is dat het een meisje was, anders had ik haar de tanden uit de bek geramd.

We vetrokken uit London met een grijze trein naar Portsmouth waar we de boot pakte naar de Isle of Wight, voor het Isle of Wight Festival.

Toen ik ooit aan mijn goede vriend Paul Armfield (woonachtig op het eiland) vroeg: “Paul, vertel me eens. Wat voor soort mensen komen er op het Isle of Wight festival?” antwoordde hij: “People that don’t like music”.

Het is een grote kermis met Rod Steward op het eind. Dertienjarigen lopen er strak van de pillen PokemonGo te spelen en volwassenen dragen gekleurde pruiken en zitten onder de henna-tattoos. “Oh, wat hebben wij het leuk met al die kutbands” zie je ze denken.

Gelukkig was er ook ontroering.

Voor mij speelde een ukelele-orkest vol met tieners. Nou vind ik ukelele een verschrikkelijk instrument, zeker nu ze zo gretig worden gebruikt in de indie. Dat er zo’n meissie staat met een ukelele in de vorm van een Gibson Les Paul waar een snoer in kan. Ploink-ploink-ploink hoor je dan. Als ze nou de helft langer hadden geoefend hadden ze ook op zes snaren kunnen spelen, denk ik dan altijd.

Maar dit orkest was fantastisch. Ze speelden en zongen prachtige liedjes met heel veel ukeleles en bij elk liedje zong een andere tiener de lead. Mensen die niet echt kunnen zingen, maar het toch doen, in alle eerlijkheid, zonder maniertjes en trucjes en kleertjes en haartjes en accentjes. Gewoon, zingen. Een verademing.

Als mijn muziek al werkt, is het zeker niet in zo’n festivaltent. Er zat één meisje dat al mijn liedjes meezong, de rest was druk met andere dingen. Onze gekke Airbnb hosts waren ook komen kijken, maar liepen na het optreden maar snel weg om een pijnlijke leugen te voorkomen.

We liepen nog de hele dag over het eiland en ’s avonds aten we steak.

Soms voel je je een heuse rockster, soms moet je als mens bekennen dat je hebt gefaald.

Dat dacht ik toen ik ’s nachts naakt op het balkon van onze airbnb stond uit te kijken over de donkere bossen. Toen ik me omdraaide en de reflectie mijn lichaam in het raam zag dacht ik: gelukkig ben ik lekker.

Vrijdag 13 oktober opent de tentoonstelling ‘Holland’ van Mark Lotterman in de gymzaal van TENT. Meer dan 40 Rotterdamse kunstenaars zullen hier hun bijdragen aan het project exposeren.

Volg Mark Lotterman op Facebook.

Deze tour werd mede gefinancierd door Popunie Music Export Rotterdam.

 

 

Los Paja Brava – Mighty Mighty Freak’n della Distropica

  • Mighty Mighty Freak’n Della Distropica

  • Los Paja Brava
    • Genre: cumbia, rock, ska
    • Release-type: CD
    • Label: Eigen Beheer

Een gouden greep van bandleden uit alle windstreken, van Zuid Amerika tot aan Rotterdam, met een evenzo gevarieerde muzikale achtergrond, van klassiek tot jazz, weet in 2012 te Rotterdam de band Los Paja Brava op te richten.

De, op deze cd, achtkoppige feestband zorgt samen voor een explosie aan energie, opzwepende ritmes en een partysfeer in een door hun nieuw soort anarchistisch genre The Mighty Mighty Freak’n Della Distropica. Als je probeert te omvatten waar dit uit bestaat, kom je ongeveer uit op een heerlijke pittige mix van cumbia, een Colombiaanse muziekstijl die erg percussie gedreven is, rock, ska, surf en een gezonde dosis Latijns-Amerikaanse mojo.

Los Paja Brava bestaat uit: Luijo Arjemi – Zang, Alessandro Russo – Saxofoon, Sam Thomas – Trombone, Carlos H. Jacques – Gitaar, Jeroen van der Ley – Bass, Luis Mora – Drums, Javier Infestas – Percussie, Nique Quentin – Congas en Tambora.

Het persoonlijke motto van de band is: “If no one destroys their shoes on the dance-floor, we don’t consider it a successful show”. Dus trek je stoute stappers aan en wees klaar om ze helemaal af te raggen in de doldwaze gekkigheid dat Mighty Mighty Freak’n Della Distropica heet. Want ben je op zoek naar een album dat wat excentriek is en ook nog feestgedruis bevat, dan ben je met Los Paja Brava’s debuut-album Mighty Mighty Freak’n Della Distropica zeker in je nopjes.

Op deze release van de heren staan ook drie nummers die op het lekkermakertje, de Los Paja Brava ep, stonden, die in 2016 werd uitgebracht. Maar de tracks Xtrawisky, Naiden, en La Sonora Policica, krijgen een lekkere aanvulling met zes geheel nieuwe liedjes.
Albumopener Xtrawisky opent onder applaus met een vrolijke bombarie die doet denken aan een Manu Chao-achtige stijl, een snelle gitaar die verder wordt aangestuurd door rappe percussie, opgezweept met de tonen van de trombones. Een waar feestgedruis waar je zeker wel dorst van krijgt.

Even zo feestelijke en zomers klinkt Quien Sera (Wie Zal Zijn), dat net iets lomer is in tempo maar het congaritme van Nique Quentin je toch flink te pakken kan krijgen, zeker als ook nog de sax van Alessandro Russo erbij komt. De eerste single Naiden schuurt vervolgens lekker en rauw en nodigt uit tot je heupen los te schudden.

Niet alles is een feestgedruis, zo is er ook het ingetogenere No Soy De Piedra – (Ik Ben Niet Van Steen) dat met zijn oude Spaanstalige film soundclips wel wat wegheeft van de stijl van B-Movie Orchestra. Een sound dat zijn geheel eigen charme met zich meebrengt. Ook La Sonora Policiaca met zijn sirenes, is bedeesder dan het voorgaande, maar laat ook zeker de voetjes niet onbewogen door het aanstekelijke ritme van de percussie en de snijdende gitaarsolo.

Het kleine instrumentale Preludio A La Siesta De Un Vago (Prelude Van De Siesta Van Een Zwerver) is een behoorlijke verrassing tussen al de percussie gedreven ritmes en tempos.

Afsluiter en opsteker voor de stad is La Bella Rotterdam (Het Mooie Rotterdam). Rotterdamser kon de door Isaac Sandoval gemaakte albumcover, een Mexicaanse artiest die in Nederland woont, trouwens niet of de Kuip had er nog bij moeten staan. Zo schitteren o.a. het Rotterdamse Centraal Station, een bakje kapsalon en de Markthal op de cover.

Aangezien het studiowerk voor dit album al even achter de rug was, konden ze dit jaar even flink hun muzikale kunsten vertonen op de Nederlandse poppodia. Zo stonden ze dit jaar zondags flink te feesten op de bühne van het Lowlands Festival en daarnaast bestormen ze ook nog eens tien keer de planken tijdens de Popronde. Dus als je lekker bent opgewarmd met dit album, kun je ook nog even live met ze gaan meefeesten.

Beste nummers: Xtrawisky en Naiden