Interview: Tamara Woestenburg

tamaraEen korte reis naar New York inspireerde Tamara Woestenburg tot het schrijven van haar onlangs verschenen album The Colony. De opnames vonden plaats bij haar thuis in Rotterdam-Noord, onder de bezielende leiding van de Amerikaanse producer Kramer.

In The Colony klinkt New York door. De verwondering en observaties, de herkenning en de vervreemding van een Rotterdamse artiest in het Amerikaanse metropool. Zo is het elektronische, met samples omlijste NYC Subway een ode aan de muziek die de piepende, knarsende en zingende New Yorkse metro maakt. Het zalvende Nocturne (‘Is it possible to dream in a city that never sleeps?’) lijkt een nachtelijke wandeling op Broadway te verbeelden, verdoofd door de vele indrukken.

Magie
Maar zij werd ook geïnspireerd door haar muzikale helden die New York laten doorklinken in hun muziek, zoals Leonard Cohen, Bob Dylan, Patti Smith en Talkings Heads.

Tamara: “Je loopt door die stad en weet gewoon: hier heeft Charlie Parker gewoond. O, dit is die straat waar Leonard Cohen over zingt… In de club Arlene’s Grocery speelde ik een nummer van Jeff Buckley en later kwam de geluidsman naar mij toe om te vertellen dat hij Jeffs geluid regelmatig had gedaan. ‘You really nailed it,’ verzekerde hij mij. Dat zijn bijna magische momenten. Die magie wilde ik vangen.”

Bizar
Tamara bezocht New York in 2012, kort na het verschijnen van haar goed ontvangen titelloze debuut ep.

“Mijn bedoeling was niet eens om daar te spelen, ik wilde gewoon even weg. Pas op de dag dat ik vloog heb ik nog een aantal New Yorkse tenten benaderd. Toen ik daar aankwam had ik al zes bevestigingen. Bizar want in Nederland reageren mensen zelden als je ze aanschrijft voor optredens. Dat vond ik al leuk. Ik heb uiteindelijk negen optredens gedaan in tweeënhalve week. Ik merkte dat ze snapten naar welke artiesten ik verwees, dat ze naar mijn teksten luisterden en het mooi vonden. Weer thuis ben ik gaan plannen om voor een langere periode naar Amerika te gaan.”

Brommen
In 2013 vertrok zij opnieuw, ditmaal samen met Harry Merry, om een tourtje te ondernemen. Dat laatste werd verzwegen bij de Amerikaanse douane. Deze kreeg hier echter lucht van en de peperdure vergunningen om in Amerika te mogen werken waren er niet. Na een nachtje brommen in een Amerikaanse gevangenis werd het tweetal op het vliegtuig terug naar huis gezet. De afspraak met producer Kramer om samen opnames te maken viel daarmee ook in het water.

Spuugzat
Multi-instrumentalist Mark Kramer kent enige mainstream-bekendheid als producer en samensteller van de soundtrack van de film Pulp Fiction. In alternatieve kringen is hij als ‘Kramer’ bijna een levende legende die zich sinds de jaren ’80 op de snijrand van de Amerikaanse underground bevindt. Hij speelde in illustere bands als Shockabilly, Butthole Surfers en Ween, was de ontdekker en producer van onder andere Low en werkte samen met eigenzinnige namen als Daniel Johnston, Will Oldham en Deavid Allen.

“Kramer heeft mij gevonden op My Space. Ik kreeg jaren geleden een berichtje van hem: ‘I love your work and if I can contribute in any way, please say so’. Sindsdien hebben we contact. Na het mislukken van onze afspraak in Amerika, schreef hij het nu spuugzat te zijn en naar Nederland te komen. Hij boekte zijn vlucht zo’n vier maanden vooruit en dat gaf mij de kans om het album te schrijven. Ik had genoeg liedjes op de plank liggen, maar wilde liever een heel nieuw album maken dat volledig in elkaar greep.”

Kurt Cobain
“Het mooie is dat Kramer uit New Jersey komt en altijd in New York heeft gewoond, totdat hij een paar jaar geleden naar Florida verhuisde. Zo kwam alles samen. Hij heeft Kurt Cobain goed gekend. Ook dat speelde voor mij mee tijdens het opnemen. Ik ben zelf door Nirvana muziek gaan maken. Werken met hem voelde als thuiskomen. Hij sliep bij mij op zolder en is niet uit zijn jetlag gekomen. Om een uur of vier kwam hij beneden en dan had ik al de puntjes op de i gezet van een nummer dat ik die dag wilde opnemen. Hij wilde dat ik de zang deed in één take. Hij zei: ‘als ik hier al zit met vochtige ogen, dan is het goed genoeg’.”

Persoonlijk
Ondanks, of dankzij de New Yorkse invloeden doet The Colony vooral aan als een sterk persoonlijke plaat. Zoals het bezwerende The Devil And The Roundabout, waarin de geest van Leonard Cohen rondwaart, maar dat tegelijk vol sombere persoonlijke (liefdes)bespiegelingen zit.

“Het beschrijft de worsteling met de zwartere kant van jezelf. Leonard Cohen was in zijn songs genadeloos ten opzichte van zichzelf en soms ook anderen. Alsof hij geen zelfcensuur kende. En dat is hoe hij mij inspireert. Soms is de link die ik heb bij het schrijven van een nummer heel abstract: Ik wil nu gewoon in de spiegel durven kijken zoals Leonard Cohen dat deed en opschrijven wat er aan de hand is. Dan komt er iets totaal persoonlijks bovendrijven. Beetje slap om een soort van halve cover te schrijven. Uiteindelijk wil ik natuurlijk dat ik het ben.”

Tenen
Het album bleef nog 3 jaar op de plank liggen en verscheen onlangs eindelijk, in eigen beheer op lp. Via de crowdfunding-site Voor de Kunst vond zij genoeg enthousiastelingen die wilden vooruitbetalen voor een exemplaar. Inmiddels speelt zij het materiaal ook live, met als begeleider op toetsen haar broer Dion (Dion & The Magic Chords).

“Ik heb indertijd hard gewerkt en mijn best gedaan om dat tweede Amerikaanse bezoek van de grond te krijgen. Dan eindig je in de gevangenis. Ik was toen helemaal klaar met de praktische kant van het jezelf-moeten-verkopen deel van de muziek. Ik heb vooraf tegen Kramer gezegd iets te willen maken waarvan ik voel dat het uit mijn tenen komt. Toen de plaat af was, had ik op dat moment bereikt wat ik wilde.”

Zonde
Wat deed je besluiten om The Colony uiteindelijk toch uit te brengen?

“Iemand als Dion die zei: ‘het is niet eerlijk tegenover de mensen om niets te doen met deze plaat’.” (Hilariteit) “Ja, superlief! Maar ik ben ook zijn grootste fan hoor. Maar sommige collega’s waren ook strenger: ‘Sorry Woestenburg, maar dit kan echt niet! Ga daar iets mee doen’. Ok. Dus heb ik mezelf over die tegenzin heen gezet. Ik merkte ook dat ik vastliep als ik nieuwe dingen wilde maken. Dan voelde het alsof het vorige nog niet af was. Het was nodig om het af te sluiten, zodat ik verder kan. Ik heb er ook aan gedacht om het gewoon op internet te pleuren, maar dat vond iedereen weer zonde. Met een mooie hoes van ontwerper Auke Triesschijn erom heen werkt het toch beter.”

Gevochten
En zo kan Kramer een nieuwe eigenzinnige naam toevoegen aan zijn imposante lijst van samenwerkingen.

“Bij het opnemen heb ik geen enkele concessie gedaan. De enige door wie ik mij af en toe heb laten leiden is Kramer. We hebben soms ook gevochten, maar hij is de enige die invloed heeft gehad op de plaat. Ik wil ook niet dat mensen zich er achteraf nog mee bemoeien. Dan zou ik net zo goed met The Voice Of Holland mee kunnen doen. Ik ga er toch niet rijk van worden dus dan kan ik er beter van maken wat ik zelf zou willen horen.”

tekst: Mark Ritsema
foto: Megin Zondervan

Volg Tamara Woestenburg op Facebook of kijk op haar website voor nieuws en shows. Het album van Tamara Woestenburg kun je op dit moment beluisteren in de luisterpaal van 3voor12.

Recensie: The Sweet Release Of Death

cover-the-sweet-release-of-deathThe Sweet Release Of Death
cd- / download album
noise pop
Katzwijm / Subroutine Records

Duistere klanken vullen mijn oren als ik het nieuwe album van The Sweet Release Of Death aan zet. Stevige noise knalt uit de speakers, wat natuurlijk ook hét kenmerk is van deze fascinerende band van eigen Rotterdamse bodem. In tegenstelling tot het vorige album Bulb is dit album vernoemd naar de band zelf. Het zit vol met pakkende nummers, die een verrassende combinatie van noise-elementen en popklanken ten gehore brengen.

Het opzwepende en tegelijkertijd genuanceerde stemgeluid van Alicia Breton Ferrer doet denken aan bands als Warpaint, Blood Red Shoes en Joy Formidable. De ruwheid in haar stem maakt hem juist zo pakkend in combinatie met bas, gitaar en drums, die voor dit soort muziek vaak niet te evenaren valt. Less is more. En het is zeker knap dat dit trio zo’n weergaloze wall of sound weet te creëren met zo weinig instrumenten. Een andere invloed die men wellicht niet zo gauw zal noemen is Interpol: een soortgelijk duister, getroebleerd geluid maar dan met een flinke lading noise erbovenop.

Wat dit album vooral kenmerkt zijn de afwisselingen tussen hard en zacht, het spelen met ritmiek en de dynamische wisselwerking tussen de gitaar en bas. Vaak wisselen de gitaar en de bas elkaar af, spelen op elkaar in en lijken soms wel in een gevecht verwikkeld te raken. Dit is juist een spannend en uniek kenmerk van de muziek van The Sweet Release Of Death en heerlijk om naar te luisteren.

Het album begint met, ironisch genoeg, The End. Dit nummer begint gelijk behoorlijk apocalyptisch, met een flinke wall of sound en een stevige drumsound. Het zou perfect zijn als achtergrond bij een scéne in een film waar de held of heldin zich aan het voorbereiden is op de laatste grote confrontatie met zijn/haar grote vijand. Ook in dit nummer vinden we de dynamiek tussen hard en zacht, die het ogenschijnlijk flink hard lijkende nummer, toch een hele nieuwe dimensie weet te geven. Hierop volgt het nummer Post-Everything, waarin heel goed die bovengenoemde invloed van Interpol te horen is. Snerpende gitaren en een zware bas vullen dit nummer.

Wat volgt is een album vol dynamiek, donkere onder én boventonen en een goede lading noise. The Sweet Release Of Death heeft een fantastische prestatie afgeleverd. Een minpuntje (of pluspuntje, naar gelang uw behoefte aan een rauwe sound) is wel dat, door de mix en de productie van het album, de individuele geluiden soms wegvallen binnen de algehele mix. Gelukkig is dit geen popplaat, en dus is dit geen probleem.

Een heerlijk album om naar te luisteren als je over een verlaten weg in een storm fietst, in het holst van de nacht. The Sweet Release Of Death gaat het nog ver schoppen binnen de (Rotterdamse) muziekwereld!

Volg de band op Facebook en vind alle info op hun officiële website.

Merlijn Veltman